Geplukt Ger Kleuskens

31-5-2018 door: Redactie
Hij is de derde generatie die het familiecafé drijft. Aan de tap hoort hij verhalen van ‘een lach naar een traan’. “Maar er komt altijd een nieuwe dag”, zegt hij. Deze week wordt Ger Kleuskens (59) uit Meterik geplukt.
maskTop
Geplukt Ger Kleuskens
maskBottom

Eigenlijk was het nooit zijn bedoeling om het café, dat zijn grootvader in 1931 oprichtte, over te nemen. Samen met zijn drie broers en twee zussen werd Ger geacht minstens een avond in de week te helpen in de zaak. “Daar was geen discussie over mogelijk. En dat vond ik niet altijd leuk. Zeker niet als op zondag mijn vrienden op hun brommer voorbij reden en ik niet mee kon. Maar ach, het heeft me verder niet geschaad”, lacht hij. Tot 1979 runden zijn ouders het café. Daarna heeft broer Theo met zijn vrouw Lucia het café beheerd, waarna het een aantal jaar aan een ander echtpaar uit Venray werd verhuurd. “In die tijd wilde ik helemaal niets meer te maken hebben met het café. Ik had het er helemaal mee gehad. Totdat een jaar of zeven later het toch weer begon te kriebelen. Ik was intussen getrouwd met Irene en werkte als autospuiter. Dat vond ik ook leuk om te doen, maar het bloed bleek toch te kruipen waar het niet gaan kan. En Irene zag het ook wel zitten om de zaak over te nemen. Irene werkte als kinderverzorgster en mede door het vele meehelpen bij ons thuis kreeg ook zij het horeca virus te pakken. Dat was en is zeer voornaam. Je moet er met z’n tweeën achterstaan.”

Ger leerde Irene kennen bij jongerencentrum De Vlies in Horst, na acht jaar verkering trouwden ze. Ger en Irene zijn altijd zelf aanwezig in het café. Ook toen hun twee kinderen, Kenny (30) en Mitch (27), nog jong waren. “Dat was niet altijd even makkelijk. Zeker als ik op zondag gezinnen op de fiets voorbij zag komen. Maar volgens mij hebben ze er niets van geleden. Nee, zij hebben nooit mee hoeven te werken. Daar trokken ze ook niet echt aan en we hebben ze niet gedwongen.” Het lijkt er dan ook op dat er geen vierde generatie in het café komt. “Dat is wel jammer, ja. Maar zoiets kun je niet forceren. Uiteraard denken we wel eens na over ons pensioen. Maar we doen dit veel te graag. Ik heb wel eens gezegd: ‘We gaan Roëze Gradje inhalen!’. Die heeft tot ver in zijn zeventigste een café gehad.”

Als ondernemer heb je niet veel vrije tijd, toch gaan Irene en Ger wel eens op vakantie. “Ik rij graag motor, maar daar geeft Irene wat minder om, dus dan gaan we toeren met de auto. Verder biljart ik in de wintermaanden, om mijn conditie op peil te houden”, grapt hij. Ook carnaval vieren doet Ger graag, zijn café is al 55 jaar residentie van de carnavalsvereniging. “Ik ben zelf ook in 1975 prins geweest. Mijn zoon Kenny was in 2008 prins. Tijdens zijn receptie hadden we alles goed geregeld en voor vervanging gezorgd. Toch meende ik op een gegeven moment dat ik nodig was in het café. Toen ben ik eerder weggegaan en daar heb ik nog steeds spijt van. Dat je zoon prins wordt maak je maar één keer mee en ik had gewoon tot het einde moeten blijven.” Hij heeft al drie keer met een carnavalsbuutte opgetreden tijdens de zittingsavonden. “Je krijgt hier aan de tap een boel flauwekul gratis aangeleverd, daar hoef je alleen nog maar een verhaal omheen te breien. Over mijn eerste buutte heb ik ongeveer drie kwart jaar gedaan om hem te schrijven. De tweede had ik in één middag op papier staan.”

Enkele jaren geleden is Ger na enig speurwerk te weten gekomen dat ze familie hebben in de Verenigde Staten. “Rond 1870 zijn diverse families uit deze streek terecht gekomen in Green Bay en De Pere in Wisconsin en in Ohio. Met deze mensen hebben we via e-mail en briefwisseling al enig contact gehad. We willen eigenlijk een keer op bezoek gaan en we moeten hier niet te lang mee wachten aangezien de hoge leeftijd van deze mensen. Het liefst willen we dan ook onaangekondigd op bezoek, want zoals je weet als je dit van tevoren meldt wordt er weer van alles geregeld en wij willen deze mensen dan ook niet op enige wijze belasten. Het lijkt ons dan ook leuk om deze mensen te confronteren met het dialect dat hun voorouders spraken! Misschien kunnen we hun nog de boeken È maes inne taes, Zò bót ás en hiëp of Intreentofhiël overhandigen”, lacht hij.

Als je in een café werkt leer je goed te relativeren, zegt Ger. “Het gaat hier van een lach naar een traan. Ik hoor de mooie verhalen en ook de droevige. Soms begrijp ik dan ook niet waar mensen zich druk over kunnen maken. Bij mij is het glas altijd halfvol. Er komt altijd weer een nieuwe dag. Als we met onze werkzaamheden mensen een mooie tijd kunnen bezorgen of steun in mindere dagen is dat voor ons een grote voldoening.”

Disclaimer | Copyright© 2018 Kempen Media b.v. | Ontwerp & realisatie Kempen Communicatie
Kempen Media b.v. is partner van Kempen Communicatie b.v.
Kempen Communicatie: Strategie, Creatie, Realisatie