


Amoveren. Een mooi woord voor slopen. Het klinkt zachter, maar in werkelijkheid brengt het de nodige emoties met zich mee. Dat gaat vooral op als het gaat om de gebouwen op het terrein van verpleeghuis Elzenhorst, waar te zijner tijd hof te Berkel verrijst. “Mijn man is dement en wordt hier prima verzorgd”, vertelt mevrouw Martens-Jenniskens.
“Waar ik mij wel zorgen om maak, is dat er in hof te Berkel geen recreatieruimte is waar mensen gezamenlijk een kerkdienst kunnen bijwonen. Ik zie de mensen daar enorm van genieten. Ik ben bang dat hen straks dit soort verzetjes wordt afgenomen.”
Christel Vervoort van de Zorggroep reageert hierop: “Onze filosofie is dat wij de bewoners straks zoveel mogelijk de regie over hun eigen leven terug willen geven. Dat gaan wij realiseren door onder andere mensen die beperkte zorg nodig hebben een woning met eigen voordeur te geven. Ze kunnen vervolgens zelf aangeven hoeveel zorg zij wensen. De mensen met dementie worden gehuisvest in groepswoningen, waar zij zoveel mogelijk zelfstandig bezig kunnen zijn. Zo mogen zij helpen bij huishoudelijke klussen, die zij nog van vroeger kennen. Het is belangrijk dat mensen met dementie actief blijven. In de huidige situatie blijkt het vervoer naar en van de recreatieruimte veel onrust te geven. In de buurtkamers die straks in hof te Berkel worden ingericht, ontplooien de mensen zelf activiteiten.
Als ze bijvoorbeeld willen biljarten, gaat de Zorggroep onderzoeken welke ruimten bij hof te Berkel of in de omgeving daarvoor geschikt zijn.”
Mevrouw Martens toch heeft moeite met de veranderingen. “Sinds begin januari moet ik met mijn man naar de kerk in het dorp. En elke keer door die kou, da´s niks.” Tiny Cox vult haar aan: “Mijn oom en dementerende tante heb ik geruime tijd begeleid. Ik nam ze een keer mee naar de koersbalclub hier in het Gasthoes. Op een gegeven moment waren wij daar niet meer welkom. Dat deed ons heel veel verdriet. Ik kan mij echter voorstellen dat bijvoorbeeld in de kerk ´normale´ mensen zich ergeren aan een demente man of vrouw die plotsklaps tijdens de mis begint te praten. Kortom, zo´n recreatieruimte is volgens mij straks echt noodzakelijk.”
Ria Driessen werkt al 34 jaar als verzorgende in Verpleeghuis Elzenhorst. “De sloop van de gebouwen hier gaat mij aan het hart. Het voelt alsof er een deel van je wordt geamputeerd. Toch heb ik ontzettend veel zin in hof te Berkel. Mijn collega´s en ik maken zich wel grote zorgen over de overbrugging naar de nieuwe vorm van zorgen voor de bewoners. Wat ik overigens sterk heb ervaren gedurende mijn loopbaan is dat kinderen van ouders, die in een zorginstelling wonen, zich steeds meer terugtrekken. Hopelijk wordt de drempel voor hen in hof te Berkel een stuk lager, zodat ze vaker hun vader of moeder kunnen opzoeken.” Christel Vervoort voegt hier aan toe; “Wanneer mensen hun ouders bezoeken blijkt vaak hoe leuk het is om samen iets te doen. Een simpel klusje als de was vouwen geeft dan veel voldoening.” Mevrouw Schallig zit in een rolstoel. Een pittige dame, die nog goed bij de pinken is. “Ik kan niet wachten tot ik mijn eigen kamer krijg, dus ik heb totaal geen moeite met de sloop”, zegt de 82-jarige. “Ik deel nu mijn kamer met een heel aardige mevrouw. Maar wat ik echt mis, is vriendschap. Straks heb ik een eigen appartement. Hopelijk kom ik dan in aanraking met mensen met wie ik een leuk gesprek kan hebben. Ik heb over aandacht niks te klagen, hoor, want ik krijg regelmatig bezoek van vrienden en kennissen uit Broekhuizenvorst.”
Tijdens de gesprekken luistert de 92-jarige Jan Wijnen aandachtig. Dan zegt hij plotseling: “Wat als het restaurant weggaat. Waar moeten we dan gaan buurten? Ik spreek hier altijd mijn vrienden. En ik luister graag naar de muziek die hier wordt gespeeld. De sloop van de gebouwen doet mij niet zo veel. Wel vind ik het lastig dat wij moeten verhuizen. Maar dat vind ik stiekem ook wel weer een beetje spannend.” Christel Vervoort: “De mensen kunnen naar het restaurant van Berkele Heem. Straks kunnen zij in hun eigen woning gemakkelijker mensen ontvangen of met een groter gezelschap naar de buurtruimte.”
Uiteindelijk blijkt dat de gesprekspartners de komst van hof te Berkel als positief ervaren. “Als mijn oom nog had geleefd, had hij straks tenminste nog samen met zijn vrouw kunnen leven. Dan konden ze elkaar gewoon af en toe eens lekker vasthouden en dat ging hier dus niet”, zegt Tiny Cox. “Ik denk dat vooral oudere stellen in hof te Berkel het veel meer naar hun zin krijgen. Als ik straks zelf aan de beurt ben om naar een zorginstelling te gaan, regel ik het zo dat mijn kinderen zo min mogelijk last van mij hebben.”
Ria Driessen zegt tot besluit: “Ook wij als personeel hebben er veel zin in. Lekker allemaal nieuwe spullen. En mensen kunnen straks hun huis weer zelf inrichten. Ze krijgen veel meer privacy. Dan hoeft Jan hier tenminste niet meer met de koptelefoon op naar de televisie te kijken.”

