‘Mijn zoon kan heel goed ‘plat’ praten’

Gemeenteraad, wijkraden, politie en inwoners discussieerden dinsdag 8 januari over de huisvesting van arbeidsmigranten in Horst aan de Maas. Conclusie van de avond: arbeidsmigranten die zich permanent willen vestigen dienen, om goed te kunnen integreren, de taal te leren.

Zaneta Janik woont sinds 2010 samen met haar gezin in Horst. Zij is eigenaresse van een adviesbureau voor Poolse arbeidsmigranten. Ze is een van de sprekers op deze informatiebijeenkomst en voor de zekerheid heeft ze haar verhaal op papier gezet. Want hoewel ze toch al heel wat jaren in Nederland woont, blijft de taal lastig. “Maar mijn zoon kan heel goed ‘plat’ praten”, zegt ze niet zonder trots.
Het huidig gemeentelijke beleid rondom huisvesting van arbeidsmigranten wordt momenteel geactualiseerd en in het kader daarvan zijn twee thema-avonden voor de gemeenteraad georganiseerd. Al eerder praatten de raadsleden over de short stay, deze keer staat de long stay op het programma. Vertegenwoordigers van onder meer wijkraden, Wonen Limburg en de politie mogen deze avond hun zegje doen. Mart Willems, spreker namens de drie Horster wijken Mussenbuurt, In de Riet en Norbertus, geeft aan dat de buurten graag hun nieuwe buren beter willen leren kennen. “Maar als we ze uitnodigen, komen ze niet.” Is de taal daarbij een barrière, vraagt Jos Gubbels van D66+GroenLinks. “De communicatie is soms lastig”, geeft Willems toe. “Taalles is essentieel.” Wat de drie wijkraden ook graag zouden zien, is dat de arbeidsmigranten beter verspreid worden over de woonwijken. Dat kan echter niet, geeft Ivo van Rees van Wonen Limburg aan. “Een groot deel van de sociale huurwoningen staat in deze wijken. Arbeidsmigranten die bij ons staan ingeschreven, kunnen reageren op deze woningen. Zij hebben geen voorrangspositie en volgens de wet mogen wij woningen niet aan bepaalde mensen wel of niet toewijzen.”
Dat de taal soms een struikelblok kan zijn, merkt ook Dana van Rens, wijkagent van politie Horst-Peel en Maas. “Daardoor verloopt het contact soms moeilijk. Daarom hebben twee collega’s de Poolse taal geleerd en starten binnenkort tien andere ook met taalles.” Volgens haar is de politie veel van haar tijd kwijt aan arbeidsmigranten. “Dan gaat het niet alleen om strafbare feiten, maar bijvoorbeeld ook hulpverlening. Probleem is dat het ons aan de capaciteit ontbreekt.” Niet alleen de taal zorgt soms voor misverstanden, er zijn ook cultuurverschillen. In Nederland vinden we het normaal om mensen op straat te begroeten, Polen vinden dat maar vreemd. En bij je nieuwe buren zomaar op de koffie gaan? “Dat zijn Poolse mensen niet gewend”, zegt Janik. Krystyna Gorska van het Servicepunt in Meterik geeft aan dat ook de werkomstandigheden het de Poolse mensen soms lastig maakt afspraken te maken. “Zij werken vaak op verschillende tijden, waardoor ze niet altijd kunnen komen. Er wordt dan al snel gezegd dat ze geen interesse hebben, maar dat is het niet.” Vanuit de zaal komt de tip om eens te kijken hoe de integratie van de gastarbeiders in de jaren 70 in Zuid-Limburg verliep. “We kunnen leren uit het verleden.”