Geplukt Carla Vossen

Met haar groene vingers werkt ze het liefst zoveel mogelijk in de tuin. Ze is een bezige bij die graag de frisse buitenwind inademt en daarnaast ook nog eens druk in de weer is met allerlei vrijwilligerswerk. Deze week wordt Carla Vossen (65) uit Griendtsveen geplukt.

Als Carla naar buiten kijkt, verschijnt er geheid een glimlach op haar gezicht. Bezig zijn tussen al het groen doet ze al van kinds af aan. Carla groeide op in het Brabantse Liessel in een druk gezin. “Een rumoerige boel was het zeker. Vooral als je vijf zussen en vier broers bij elkaar zet. Ik was het oudste meisje. Heel gezellig, maar soms ook ontzettend druk.” De ouders van Carla hadden een tuindersbedrijf, daar werkte ze met veel plezier. “Ik plukte tuinbonen, boontjes, aardbeien, zwarte bessen, noem het maar op. Ik hield er wel van om in de buitenlucht te werken. Ik weet nog goed dat ik bloemkolen verkocht in een kist met daarin een stuk of negen kolen, die achter op mijn fiets stond. Wij verkochten drie bloemkolen voor één gulden. Die waren zo op als ik bij een boer langs ging.” Er moest hard gewerkt worden. Later werden er kassen gebouwd en moest Carla tomaten en komkommers plukken. “In de zomer werd het heet in zo`n kas en van tomaten plukken worden je handen ook nog eens ontzettend vies. Ik moest ze zelfs met chloor schoonspoelen. Later zijn we overgestapt naar allerlei bloemen in de kassen, dat was veel meer mijn ding.”
Ook het studeren ging de Griendtsveense gemakkelijk af. Ze laat haar rapporten van de middelbare school zien. “Kijk, mijn laagste punt was een 7. Het ging van een leien dakje en al snel ging ik het atheneum volgen.” Die periode was van korte duur. Carla was nodig in het bedrijf van haar ouders. “Bij ons was de regel: eerst werken, dan pas huiswerk maken. Nadat ik niet meer leerplichtig was, moest ik van school af. Achteraf gezien ben ik wel jaloers op mijn jongere broers en zussen die wel hebben mogen studeren.”
Het was dus een druk leventje voor Carla. Toen ze 20 was ontmoette ze Paulus en ze werd smoorverliefd. Ze ontmoette hem tijdens een dansavond bij Van de Eijnden in Deurne. “Hij vertelde dat hij uit Griendtsveen kwam. Ik geloofde er helemaal niks van. Hoe konden er nu zulke knappe mannen in Griendtsveen wonen? Als ik naar mijn oma in Horst ging, reden we altijd met onze jeep door Griendtsveen. Ik vond het een beetje een stil dorp, er was nooit iemand op straat. Paulus is dan toch wel een uitzondering hoe ik dacht over de Griendtsveense mannen”, grapt Carla. Na vijf jaar zijn ze getrouwd. “Ik ben toen gestopt met het werken bij mijn ouders. Daarna heb ik op enkele andere bedrijven gewerkt in Deurne. Jammer genoeg hadden die niets met bloemen te maken.”
Carla is helemaal verliefd op haar tuin. “Die heb ik speciaal ingericht. Ooit las ik een boek van Elisabeth de Lestrieux over tuinen. Zij schreef over een tuin inrichten in zichtlijnen. Als je door je raam naar buiten kijkt, moet het groen in symmetrie zien liggen. Zo kun je perfect vanuit elke raam in je tuin kijken. Daar kan ik enorm van genieten.” Ze heeft enorm veel passie voor haar tuin. Vooral voor de buxus, dat zijn net haar kinderen. “De buxus is mijn levenswerk. Toen de buxusrups opkwam van de zomer, heb ik steeds alle struiken goed nagekeken, rupsjes met hand verwijderd en een buxusvlinderval neergezet. Dat heeft er
uiteindelijk toe geleid dat ik geen struik weg hoefde te gooien.”
Een bezige bij is Carla heel zeker. Naast het vele tuinieren, doet ze ook veel vrijwilligerswerk. Ze heeft zich onder andere veertien jaar ingezet voor Stichting Jeugdwerk Griendtsveen. “Een van de hoogtepunten van al die jaren was het jaarlijkse kamp. Het is geweldig om met jongeren op stap te gaan. Als Paulus en ik dan na zo’n week terugkwamen en thuis aan tafel zaten, was het heel stil. Dan was ik helemaal kapot. Dat was het zeker waard.” Ook zat Carla vijftien jaar in het kerkbestuur en geeft ze al lang leiding aan het kinderkoortje. Ze is momenteel vele jaren secretaris van de Vrouwenbeweging in Griendtsveen.
Het allergrootste hoogtepunt van Carla’s leven is het bouwen van hun huis aan de Lavendellaan in Griendtsveen. “Het heeft elf jaar geduurd voordat we onze vergunning hadden. In de tussentijd hebben Paulus en ik in een noodwoning gewoond. Dat was niet altijd even praktisch, want het was er klein, maar raad eens: wel een grote tuin.” Eindelijk konden ze dan na tien jaar aan hun droomproject beginnen. “Paulus en ik hebben het huis samen met een kleine aannemer helemaal zelf gebouwd. Ik weet precies hoe elk hoekje van de kamer is ontstaan. Dat was prachtig om mee te maken. De mooiste tijd uit mijn leven. Ik kan daar nog steeds intens van genieten.”